Proef Peru

Het gros van de toeristen dat aankomt op de luchthaven van Lima, reist linea recta door naar de Inca-bezienswaardigheden Cuzco en Machu Picchu. Maar Peru heeft zoveel meer te bieden. Elegance toog naar de kust van het Zuid-Amerikaanse land en ondervond aan den lijve nog veel meer goede redenen voor een bezoek.

Natuurlijk, niemand zal de aantrekkingskracht van Machu Picchu ontkennen: de ruïnes van de vijftiende-eeuwse heilige Inca-stad, verscholen tussen de Andes-toppen, zijn ronduit spectaculair. De laatste jaren krijgt het bouwwerk meer dan een miljoen bezoekers per jaar te verwerken; het staat te boek als een van de zeven nieuwe wereldwonderen, samen met onder meer de Chinese Muur en Taj Mahal. Maar wie naar Peru gaat en alleen Machu Picchu bezoekt, is als die Japanner die het Colosseum bekijkt en denkt Europa te hebben gezien. Peru is enorm: 35 keer zo groot als Nederland. Het is bovendien een land van uitersten. Van de woestijnachtige kustlijn tot de koude bergtoppen van de Andes en het tropisch Amazonewoud. Er zijn weinig landen op de wereld met zo’n variëteit aan flora en fauna, landschappen, klimaten en culturen. Die diversiteit brengt met zich mee dat iedere reiziger hier aan zijn trekken komt; van de backpackende avonturier tot de vakantieganger op zoek naar zon, zee, ontspanning en lekker eten.

De grote chefs der aarde zijn het eens: de Peruaanse cuisine is booming

 

Drieduizend aardappelsoorten

Om met dat eten te beginnen: dat is in Peru een serieuze aangelegenheid. Er heerst een breed ontwikkelde eetcultuur met invloeden van de Spaanse, Indiaanse, Japanse, Chinese en zelfs Afrikaanse keuken. Juist dankzij de enorme biodiversiteit van de natuur heeft de Peruaanse keuken een overvloed aan verse ingrediënten ter beschikking. Asperges bijvoorbeeld worden het hele jaar door geteeld en met tonnen tegelijk geëxporteerd − ook naar Nederland. In bijna geen enkel ander land wordt zoveel vis gevangen als in Peru. En nergens vind je zoveel soorten aardappels; naar verluidt zijn het er zo’n drieduizend. (Peru is dan ook het geboorteland van de aardappel, alhoewel buurman Chili dat geboorterecht fel betwist.) En dan is er nog een enorme rijkdom aan pepers, maïssoorten, quinoa, bonen en exotisch fruit. Het levert bekende gerechten op als ceviche, papa a la huancaina, lomo saltado en anticuchos (zie kader). De Peruaanse keuken wint wereldwijd aan terrein, ook in Europa, en vormt een inspiratiebron voor de grote chefs der aarde. De broers Adrià van het legendarische Catalaanse restaurant El Bulli openden zelfs een Peruaans restaurant in Barcelona. Kortom: de Peruaanse cuisine is booming.

Jamie Oliver van Peru

Zoals vaker bij hoofdsteden, komt alle culinaire expertise samen in Lima. Uit eten gaan is er een feest: de stad heeft een geweldig aanbod aan toprestaurants en culinaire hotspots, en wordt door liefhebbers dan ook aangemerkt als gastronomische hoofdstad van Zuid-Amerika. Dat is mede te danken aan topchefs als Gastón Acurio − de Jamie Oliver van Peru − van Astrid y Gastón en Virgilio Martinez van Central, die de Peruaanse keuken internationaal op de kaart zetten door klassieke gerechten een eigentijdse twist te geven. Beide restaurants staan in de top vijftig van beste restaurants ter wereld. Nog een chef die hoge ogen gooit is Pedro Schiaffino; in zijn restaurants Malabar en Ámaz laat hij zijn gasten kennismaken met de sublieme smaken uit het Amazonegebied − het leverde hem de bijnaam ‘junglechef ’ op. Maar afgezien van deze exclusieve restaurants kun je in de stad ook heel goed terecht bij de vele, vele restaurants en cevicheria’s– eetgelegenheden waar het nationale visgerecht ceviche wordt geserveerd –, tegen zeer schappelijke prijzen.

Costa Verde

Maar niet alleen op culinair vlak is Lima de moeite waard. Hoewel het in eerste instantie wellicht wat lastig oriënteren is in deze enorme metropool met bijna negen miljoen inwoners, is de chique wijk Miraflores een prima startpunt. Prachtig gelegen op de grillige rotsen boven de Stille Oceaan is het een ideaal toevluchtsoord voor de welgestelde Limeños en voor veel expats. Miraflores staat ook wel bekend als de Costa Verde, vanwege de verschillende groenstroken en stadsparken (mis vooral het charmante Parque del Amor niet, geïnspireerd op het door Gaudí ontworpen Park Güell in Barcelona). Hier vind je ook verschillende stranden, die vooral bij surfers geliefd zijn. Wie wil zonnebaden, kan echter beter naar een van de zandstranden ten zuiden van de stad, zoals Punta Hermosa en Santa Maria del Mar. Het Belmond Miraflores Park Hotel is comfortabel en centraal gelegen in het fashion district. De grootste winkelstraat van Lima, Larco Avenue, ligt op loopafstand en hetzelfde geldt voor Larcomar, een luxe shopping- en foodcenter met fenomenaal uitzicht op de oceaan. Hoewel je het niet zou verwachten, is Lima deels uitgerust met fietspaden, en dat is dan ook een leuke manier om de stad te bekijken. Al was het maar omdat het verkeer geregeld muurvast staat − de metro is vooralsnog een onbekend fenomeen in de miljoenenstad. Veel hotels hebben fietsen ter beschikking voor hun gasten. Laat je van tevoren wel informeren over de juiste route, zo voorkom je dat je in een onveilige wijk terechtkomt. De verdere hoogtepunten van Lima zijn goed te doen in twee dagen. Vanaf het Kennedypark in Miraf lores vertrekken excursiebussen naar onder meer het historisch centrum. Maar ook taxi’s zijn er in overvloed. Laat je in ieder geval afzetten op het statige Plaza Mayor, het centrale plein van de stad, met het presidentieel paleis en de kathedraal van Lima. Het is de plek waar de stad in 1535 werd gesticht.

Mario Testino

Wie weg wil van de drukte en het lawaai van het centrum, kan z’n hart ophalen in de zuidelijk gelegen wijk Barranco. In de negentiende eeuw bracht de lokale aristocratie hier de zomers door, en nog altijd hangt er een romantische, dorpse sfeer. Het is dan ook de favoriete plek van veel kunstenaars, schrijvers en andere creatievelingen, die niet zelden inspiratie halen uit de fraaie kustlijn en ruisende golven. Barranco kun je het beste te voet ontdekken, en loop dan vooral ook even binnen bij Mate, het museum gewijd aan Lima’s beroemdste inwoner: celebrityfotograaf Mario Testino. De onbetwiste place-to-be is bar Ayahuasca, gevestigd in een indrukwekkend koloniaal herenhuis waar hipsters en reizigers samenkomen om te zien en gezien te worden, al nippend aan hun pisco sour of exotische cocktail. Er zijn veel musea in Lima, maar het Larco Museum springt daar bovenuit: het beschikt over een enorme collectie Precolumbiaanse kunst, ofwel van voor de ontdekking van het Amerikaanse continent door Columbus in 1492. Aan de hand van zo’n 45.000 objecten van keramiek, textiel en edelmetalen wordt een fraai beeld geschetst van oude Peruaanse beschavingen. Interessant is ook de verzameling eeuwenoude erotische keramische potten, die gewaagde seksuele standjes en handelingen uitbeelden. In de prachtige bloementuin van het museum met uitstekend restaurant is het ook nog eens heel aangenaam verpozen.

Woestijn

Hoewel het centrum van Lima vrij groen is, ligt het midden in de woestijn. De stad is, net als de gehele kuststrook, ingeklemd tussen de Stille Oceaan en het Andesgebergte. Neerslag wordt tegengehouden door de bergen, waardoor het soms jaren achtereen niet regent. Dat maakt dit gebied tot een van de droogste gebieden op aarde. Voor hun watervoorziening zijn de Peruanen afhankelijk van het smeltwater uit de bergen. Moderne irrigatiesystemen zorgen bovendien voor het water dat benodigd is om allerlei gewassen te verbouwen, zoals druiven, katoen, rijst, maïs en olijven. De afgelopen decennia is de bevolking aan de kust explosief gegroeid; arme boeren trokken naar deze regio op zoek naar een betere toekomst. Dat heeft niet voor iedereen tot voorspoed geleid; langs de kust kom je nogal eens vervallen huizen tegen − veelal zonder dak − waarvan je je afvraagt of ze leegstaan. Hoewel het nauwelijks regent is de luchtvochtigheid bijzonder hoog. In de wintermaanden (mei tot november) is de kust gehuld in een deken van dichte mist. De kustregio is een smalle landstrook van zo’n 2400 kilometer lang. Ondanks de extreme droogte is het er niet heet. Zo’n 250 kilometer ten zuiden van Lima ligt het uitgestrekte natuurreservaat Paracas. Een gebied dat voor het grootste deel bestaat uit zand. Héél véél zand. De rotsformaties die uitlopen in de oceaan zijn van een ongekende schoonheid. Je kunt het reservaat het beste bezoeken met een ervaren gids die je per four wheel drive de mooiste plekken laat zien. Er zijn tientallen hotels in Paracas in alle prijsklassen, waaronder het luxueuze vijfsterrenhotel Paracas, met ruime kamers, veel faciliteiten en een privéstrand. Voor de kust liggen de Ballestaseilanden, feitelijk een groep kale rotsen waar honderden zeeleeuwen en humboldtpinguïns leven − het kleine broertje van de keizerpinguïn op de Zuidpool. Het wemelt er bovendien van de pelikanen, aalscholvers, jan-van-genten en zeemeeuwen. De eilanden zijn niet toegankelijk, maar je kunt wel een toer boeken waarmee je met een motorboot om de eilanden vaart en het dierenleven van heel dichtbij kunt bekijken. Wie (heel) wat meer comfort op prijs stelt, kan ook een privéjacht boeken met een kok aan boord. Een glas champagne in de ene, en Peruaanse hors-d’oeuvres in de andere hand zorgt in alle opzichten voor een nog rijkere ervaring.

PERU PRAKTISCH

Hoe kom je er?: Vanuit Amsterdam vliegt KLM rechtstreeks naar Lima; een vlucht van zo’n 10.500 kilometer, die in 12,5 uur wordt overbrugd. Voor een retourtje ben je tenminste 800 euro kwijt, afhankelijk van het seizoen. Vanuit Lima gaan er directe vluchten naar onder meer Trujillo, Arequipa en Cuzco.

Tijdsverschil: Het is in Peru zes (zomertijd) tot zeven uur (wintertijd) vroeger.

Beste reistijd: Het hoogseizoen loopt van april t/m oktober. De kustregio kun je echter prima bezoeken in de zomerse maanden, van december t/m februari.

Visum: Niet nodig. Wel moet je in het bezit zijn van een paspoort dat na terugkeer nog zes maanden geldig is.

Vaccinaties: DTP, Hepatitis en gele koorts worden aanbevolen. In sommige gebieden komt malaria voor. Bescherm je sowieso goed tegen muggenbeten. Meer informatie op lcr.nl

Geld: Peruanen betalen sinds 1991 met de Nuevo Sol (PEN). Momenteel is 1 euro zo’n 3,5 soles waard. Amerikaanse dollars worden ook op veel plaatsen geaccepteerd.

Taxi’s: zijn goedkoop, voor een rit van ongeveer vijf kilometer betaal je zo’n vijf soles. Spreek voordat je instapt een bedrag af voor de rit. Onderhandelen is gangbaar. Dit is het bedrag dat je betaalt, ook al kom je vast te zitten in het verkeer – iets wat in veel steden niet ondenkbaar is. Het is aan te raden je reis goed voor te bereiden.

 

Tekst: Lieke Lemmens

Share on FacebookTweet about this on TwitterPin on PinterestShare on Google+