Mode-illustrator Martine Brand

Tot ver in de jaren vijftig hadden alle grote modebladen illustratoren in dienst om de nieuwste creaties uit Parijs, Milaan en New York te tekenen voor de lezers. Door de opkomst van de modefotografie werden ze naar de achtergrond gedreven, maar inmiddels lijkt er sprake van een come-back van het vak. Mode-illustrator Martine Brand kan erover meepraten.

Martine Brand (43) heeft het druk. Ze is net terug van Fashion Week Parijs, en vliegt vanmiddag alweer naar Milaan voor een bespreking met haar agent. Kort daarna staat Rome op het programma. Tussen de bedrijven door is ze druk met de voorbereidingen voor een expositie van haar werk in een galerie en geeft ze ook nog drie keer per jaar een magazine uit met zo’n zestig illustraties van haar hand. Sinds ze vier jaar geleden de overstap maakte van kinderboekentekeningen naar mode-illustraties, kwam haar carrière in een stroomversnelling terecht. Op aanraden van een bevriende modefotograaf maakte ze een aantal modetekeningen: haar stijl viel in de smaak bij Condé Nast, een mammoetuitgever met kantoren van Parijs tot New York en van Tokio tot Milaan. ‘Binnen een maand had ik drie agenten in het buitenland, mocht ik een eigen bookazine uitgeven en werden er afspraken voor me geregeld bij de modehuizen’, vertelt ze. De laatste jaren groeit de belangstelling voor illustraties, zowel bij modetijdschriften als reclamemakers, en daar profiteert Martine ten volle van. Inmiddels mag ze grote namen als Giorgio Armani, Vogue en Dior tot haar klanten rekenen en zit ze geregeld langs de catwalk om de nieuwe modecollecties vast te leggen in haar schetsboek. Haar illustraties worden wereldwijd gepubliceerd in allerlei tijdschriften. Dat ze enige tijd modellenwerk deed en als foto-editor werkte voor koffietafelboekenuitgeverijen Taschen en TeNeues, bleek overigens ook een voordeel; ‘Ik heb in die tijd veel mode- en reclamefotografen leren kennen die me wegwijs maakten in het modewereldje. Het was dus niet helemaal nieuw voor me.’

‘Ik heb een hekel aan shoppen, maar toch intrigeert mode me enorm’

Emotie vastleggen

Het was haar oma, zelf illustrator, die haar de liefde voor het vak bijbracht. Al toen ze nog een jong meisje was, zaten ze samen uren te tekenen en liet haar oma haar kennismaken met de werken van oude meesters als Rembrandt en William Turner, en de Italiaanse fashionillustrator René Gruau. Martine ging Fashion & Design in Antwerpen studeren en toog daarna naar de kunstacademie in Amsterdam. Na haar opleiding legde ze zich toe op kindertekeningen; ze deed opdachten voor De Efteling en Disneyland en illustreerde een kinderboek. Wat ze daar vooral van leerde: hoe belangrijk het is emotie te leggen in je tekeningen. ‘Doe je dat niet, dan vinden kinderen er meteen geen bal aan. In mijn mode-illustraties probeer ik die emotie te leggen door altijd een specifieke vrouw te visualiseren. Ik bedenk altijd: welke vrouw zou passen bij dit kledingstuk of merk? Natuurlijk doe ik op de catwalk al indrukken op, maar ik haal toch vooral mijn inspiratie van de straat. Ik doe dan ook niets liever dan terrasjes pikken: vooral in Parijs, daar komen zoveel mooie vrouwen voorbij. Nederlandse vrouwen zijn ook vaak prachtig − lang, trots en zelfstandig − maar over het algemeen minder verzorgd.’ Opvallend genoeg draagt Martine zelf ook liefst sweaters, jeans en gympen. ‘Mensen zijn daar gezien mijn beroep soms verbaasd over. En hoewel ik totaal geen shopper ben, intrigeert mode me toch enorm. Ik kijk natuurlijk naar de kleuren en stoffen van kleding, maar ook hoe een outfit valt, wat het doet met een vrouw en hoe ze verandert. Ik vind het mooi om dat te vertalen naar mijn illustraties.’

Collections

Dol is Martine vooral op hoeden en jurken. Vanwege een voorliefde voor vrouwelijke en zwierige tekeningen, maar ook omdat het de compositie van de tekening in haar ogen vaak interessanter maakt. ‘Ik vind het mooi een detail van het gezicht of de handen te gebruiken voor een tekening, het hoeft van mij niet altijd zo rechttoe rechtaan.’ Drie keer per jaar verschijnt Collections by Martine Brand met daarin zo’n zestig illustraties. Dat gaat op de ambachtelijke manier: met aquarel, pastelkrijt of olieverf. Soms bewerkt ze haar tekeningen digitaal, alvorens ze in te scannen. Het is naar eigen zeggen een bookazine: een magazine, maar opgemaakt als een boek. Twee keer per jaar, tijdens de fashion weeks in september en februari, verschijnt er een editie met prêt à porter-creaties, en in de zomer verschijnt de haute couture-editie. Het wordt verkocht in selecte boekhandels in de hoofdsteden van vijftien landen, maar ook in de winkels van Giorgio Armani. Een man van wie ze overigens veel geleerd heeft − hij kan ongelooflijk goed schetsen en doet dat nog altijd regelmatig. Martine heeft inmiddels een divers portfolio opgebouwd. Ze tekende advertenties, dessins voor op een tas, juwelen of sjaal, maakt stap-voor-staptek­eningen voor make-up en illustreert fashionblogs. De lijst van opdrachtgevers is indrukwekkend: Armani, Dolce & Gabbana, Versace, Tods, Piaget, Dior, YSL en Maison Fabre. Maar er blijft altijd nog wat te wensen over. Laatst schilderde ze een Chanel-uitvoering van Vermeers Meisje met de Parel, dat werd gebruikt op de Biënnale des Antiquaires in Parijs. Het smaakte naar meer. ‘Ik heb de afgelopen jaren heel veel snelle lijn-illustraties gemaakt, maar ik zou graag vaker klassieke, gedetailleerde schilderijen willen maken. Gelukkig is daar ook bij opdrachtgevers steeds meer belangstelling voor. Mijn droom is om ooit met een werk in een groot museum te hangen.’

Nog meer interessante portfolio’s bekijken? Klik dan hier.

Tekst: Lieke Lemmens

Share on FacebookTweet about this on TwitterPin on PinterestShare on Google+