Melanie Schultz van Haegen

Melanie Schultz van Haegen was veertig toen ze benoemd werd tot minister van Infrastructuur en Milieu. Om in die hectische functie in balans te blijven doet ze aan mindfulness en kickboxen. Maar bovenal houdt ze het hoofd koel. ‘Je moet hier niet gaan zitten als je denkt dat je de hele dag over je bol wordt geaaid.’

Kleine boerin

‘Toen ik klein was, wilde ik boerin worden. Ik had een vriendin die op een prachtige boerderij woonde en daar logeerde ik wel eens. Haar ouders waren geen echte boeren, maar dat beeld was zo mooi. En tijdens mijn puberteit wilde ik burgemeester worden. Ik heb nooit meer kunnen achterhalen waarom ik daarvan droomde. Maar kennelijk zat daar toch al een beetje de wens om aan het stuur te staan.’

Gezonde puber

‘Ik heb altijd interesse gehad in de politiek, als puber al. Maar zo’n jongerenorganisatie trok me niet. Ik grap nu wel eens tegen mijn partijgenoten die wel bij de JOVD (jongerenorganisatie van de VVD, red.) zaten, dat ík tenminste een gezonde jeugd heb gehad.’

Politieke studentenbaan

‘Tijdens mijn studie bestuurskunde ben ik lid geworden van de VVD, die partij paste het beste bij mij. En ja, als je lid wordt en je gaat er een keer naar toe… Ze hebben het altijd over hoge drempels binnen partijen, maar die zijn er helemaal niet. Het is een soort kuil! Je komt binnen en ze vragen meteen wat je wilt doen. Ik ging als bijbaan werken voor de gemeenteraadfractie. Ik maakte de notulen en regelde andere kleine zaken. Daar verdiende
ik vijfhonderd gulden per maand mee. Dat was veel geld toen.’

Werelds Leiden

‘Door die bijbaan keek ik met een andere blik naar mijn stad Leiden. Je wereld wordt ineens groter. Voor een student bestaat die normaliter uit je studentenhuis, de sociëteit en de universiteitsbibliotheek. Ik was daarnaast ook bezig met de achterstandswijken in Leiden, leerde over de tweedeling in de
maatschappij. Maar ik was geen Jehova’s getuige, met mijn vriendinnen sprak ik over totaal andere dingen. Die mix van studie en werk vond ik juist leuk.’

‘Na het kickboksen ga ik verder met mijn beleidsstukken’

Niet dromen, gewoon doen

‘Tegen het einde van mijn studie ben ik raadslid geworden. De meeste studenten gingen toen wat serieuzer werken, dus dat was niet zo apart. Ik heb me verkiesbaar gesteld en dat lukte nog ook. Het klinkt ongeloofwaardig als ik het nu zeg, maar ik heb nooit behoefte gehad aan een politieke carrière. Misschien ben ik daardoor ook nooit bedreigend geweest voor anderen, heb ik het daardoor gewoon kunnen doen.’

Zo’n typische vrouw

‘Veel vrouwen denken dat er altijd wel iemand is die het beter kan. Mijn ogen werden geopend toen ik door Gerrit Zalm werd gevraagd als staatssecretaris in het kabinet-Balkenende. Ik zei: “Nou, ik weet het niet, daar moet ik even over nadenken en met wat mensen over praten. Want kan ik dat wel?” Hij vroeg het wat later nog een keer. En weer zei ik dat ik nog wat feiten moest checken. Hij snapte er niets van! Als hij mannen vroeg zeiden ze meteen ja, ook al wisten ze nog niet eens over welk departement het ging, vertelde hij. En vrouwen moesten er altijd over nadenken. Dus ja, ik ben ook zo’n typische vrouw. Zalm heeft me laten zien dat je soms gewoon ergens in moet stappen. Want ik ben er heus wel van overtuigd dat ik de kwaliteiten in huis heb. Hoe meer dingen je doet, hoe meer je daarop kunt vertrouwen. En ook weet ik dat ik niet de wijsheid in pacht heb. Maar waarom zou ik die plek dan aan een ander geven? Die ander heeft ook de wijsheid niet in pacht. Daar ben ik wel achter, ja… (lacht).’

Gek op bazen

‘Het meest heb ik geleerd van mijn bazen. In mijn optiek groei je het hardst als je uit je comfortzone stapt, als je dingen doet die niet in het plaatje passen. In mijn eerste baan had ik een inspirerende baas die prachtige visies had. Van hem heb ik geleerd dat je vooral moet bedenken waar je heen wilt en dat het dan allemaal wel goedkomt. Bij Achmea leerde mijn baas mij juist dat ik de feiten op een rijtje moest hebben. Hoe ging ik iets aanpakken? Wanneer had ik dat dan gerealiseerd? Waanzinnig. Dat was weer heel anders. Voor mij dé momenten waarop ik ben gegroeid.’

Minister Melanie

‘Toen ik uit de politiek vertrok na mijn baan als staatssecretaris, zei ik dat ik terug zou keren als ik oud en wijs was. Maar ja, ik zat net vier jaar bij Achmea toen het momentum daar was in Den Haag. De liberalen waren de grootste partij geworden en mijn oude departement werd samengevoegd met een ander. Dat bood zoveel uitdagingen. Dus toen mijn oud-collega Mark Rutte vroeg of ik toch niet naar Den Haag wilde komen, kon ik geen nee zeggen.’

‘Ik wil aan de touwtjes trekken’

Sleutel naar succes

‘Tja, deze vraag is mij nooit gesteld. Ik weet alleen: áls ik iets doe, doe ik het graag góed. Ik heb niet zo’n winnaarsmentaliteit, ik hoef niet per se op het plateau staan. Ik kan gewoon normaal nadenken zonder hoogbegaafd te zijn. En ik voel vaak goed aan wat verschillende partijen willen. Die sociale intelligentie is een belangrijke factor.’

Dikke huid

‘Als je deze positie bekleedt, weet je dat de nadruk wordt gelegd op de zaken die níet goed gaan. Je moet hier dus niet gaan zitten als je denkt dat je de hele dag over je bol wordt geaaid. Voor een paniekerig type wordt het lastig hier. Ik ben sowieso oplossingsgericht, maar heb dat ook geleerd. Mijn opstelling is ook dat ik problemen héb, maar niet de problemen bén.’

Mindfulness

‘Een aantal jaar geleden ben ik een training mindfulness gaan volgen. Als ik naar bed ging, was ik met mijn werk bezig, maar ook als ik opstond of me aankleedde. Ik vroeg me af of het nou zin had, om continu je werk te zíjn. Mindfulness zorgt ervoor dat je aandachtig bezig bent met dat wat je doet. Dus als je onder de douche staat, ben je aan het douchen. Je leert te mediteren en door een paar trucs afstand te nemen. Mediteren doe ik natuurlijk niet meer zoveel als toen, maar ik weet dat je door ademhaling, rust en focus weer tot de kern kunt komen.’

Gericht unitasken

‘Ik ben die training ook gaan doen omdat ik moeder was geworden. Je kunt niet bij je kinderen thuiskomen als je met je gedachten nog in die vergadering zit. Een kind voelt dat onmiddellijk. Als je voorleest, lees je voor. En juist dat vind ik heerlijk: kinderen zijn een prachtige manier om de dag te wissen. Daarnaast had ik een onderzoek gelezen over hoe multitasken je juist minder productief maakt. Ik was het type dat ’s avonds met de papieren voor de televisie zat en ook nog iemand aan de telefoon had. Daarna wist ik eigenlijk niet wat er in de stukken stond, had ik die film gemist en wist ik niet wat die persoon aan de telefoon had verteld. Mindfulness gaat over aandacht voor het nu. Niet de hele dag terugdenken aan wat was, of vooruit denken aan wat nog komen gaat. Daardoor krijg je meer snelheid. En dan kun je weer meer doen.’

Wekelijks slaan

‘Elke maandagavond ga ik met een vriendin naar kickboksen. We slaan en schoppen tegen zo’n grote zak. Het sloopt je keer op keer, maar het is zo leuk. Als ik zelf ga fitnessen ben ik vrij snel tevreden. Ik heb iemand nodig die zegt dat ik nog even een tandje harder moet. En dan ga ik daarna weer stukken lezen. Ik probeer elke nacht zeven uur te slapen, maar met kleine kinderen lukt dat niet altijd.’

Naast elke sterke vrouw

‘Mijn man speelt een belangrijke rol in mijn carrière. Hij is degene die mij altijd de zekerheid heeft gegeven door te zeggen dat ik het gewoon moest doen. Dat is essentieel. Stel dat je een partner hebt die zegt: “Nou, vooruit dan maar, als je zo nodig moet.” Mijn man roept overigens af en toe ook “Balans, balans”, als ik te veel avonden weg ben geweest.’

Recept voor een goed huwelijk

‘De basis is goed. We zijn al lang samen en hadden dus ook al veel meegemaakt voordat de kinderen kwamen en we aan die drukke banen begonnen. En thank God there is weekend, al spreken en zien we elkaar doordeweeks natuurlijk ook wel. Het is niet zo dat we ons in onze eigen kamers opsluiten, maar we zitten niet uren samen te praten. Ik heb niet het gevoel dat onze relatie lijdt onder onze levens. Sterker nog, het feit dat we gelijkwaardig zijn, is volgens mij erg belangrijk.’

Elegant excuus

‘Ik zit in een jaarclub van achttien meiden en na onze studies wilde iedereen werken. Toch zag je na verloop van tijd dat er andere keuzes werden gemaakt, vooral na de komst van een eerste of tweede kind. Ik snap wel waarom vrouwen dat doen. Op een gegeven moment krijgen we allemaal, zowel mannen als vrouwen, een periode waarin je tegen je grenzen aanloopt. Je krijgt die ene promotie niet, je stroomt ineens niet meer door. Dan kun je als vrouw makkelijker zeggen dat je meer tijd aan je kind wilt besteden. Dat is een elegantere uitweg dan te moeten erkennen dat iets niet is gelukt. Mannen hebben die uitweg toch minder.’

Half vol

‘Mijn glas is altijd half vol. Ik denk dat alles op te lossen is. Dat wereldbeeld is je gegeven, dat zit van nature in je karakter. En natuurlijk helpt het als je een beschermde jeugd hebt gehad, hoewel… Ik was in Sarajevo voor een cursus over leiderschap in crisistijd. Daar hoorden we verhalen van mensen zoals jij en ik, die in een Westerse samenleving waren opgegroeid en door de oorlog ineens in een geheel afgesloten gebied woonden, zonder eten, zonder elektriciteit of water. Ze vertelden over hun creativiteit om te overleven, over het ontstaan van nieuwe groepen waarmee ze dingen ondernamen. Een vrouw had er een boekje over geschreven. En wat bleek? De mensen die positief denken hebben veel meer kans om het te overleven.’

Kinderwonderen

‘Het mooie van kinderen is dat je alles weer opnieuw ziet gebeuren. Hoe ze leren spreken, wat taal eigenlijk is en in welke context woorden worden gebruikt. Gisteren las ik een boek voor waarin stond dat iemand verlamd was van schrik. Leg dat maar eens uit. Die basisbegrippen zitten nog niet in dat hoofdje. Daarnaast vind ik het leuk om te zien hoe divers kinderen zijn. Ik heb gewoon twee totaal verschillende kinderen, terwijl ze precies hetzelfde genenmateriaal hebben. Ze worden geboren met een eigen karakter. Vervolgens kun je ze een stabiele basis gegeven, ze stimuleren en uitdagen, maar je kunt ze niet veranderen. En dat wil ik ook niet. Ik constateer waar ze goed in zijn en probeer ze te verlokken dingen te doen of juist niet. Maar het meeste probeer ik ze mee te geven dat ze goed zijn zoals ze zijn.’

Werkende ouders

‘Ik wil laten zien dat het mogelijk is om een goede baan te combineren met kinderen. Je moet niet te snel in de valkuil trappen dat het moeilijk is. Mijn kinderen gaan van half negen tot half drie naar school, wat mis ik dan? Overigens was het tot de jaren vijftig normaal dat alle mannen en vrouwen werkten. Ik ben het ook gewend. Mijn ouders hebben altijd allebei gewerkt en ik heb daar nooit wat van gekregen. Mijn moeder was onderwijzeres en was er na schooltijd wel met de thee, maar zij gaf daarna weer bijles aan kinderen met dyslexie. En ik weet nog dat er in ons dorp Chinezen kwamen wonen en dat zij bij ons thuis Nederlands leerden. Die drukte vond ik gezellig.’

De ochtend is heilig

‘Mijn man en ik werken meer dan mijn ouders, vaak ook nog in de weekenden. Maar wij staan elke ochtend met zijn allen op en ontbijten samen. Met zijn tweeën brengen we de kinderen naar school. Om kwart voor negen stap ik in de auto naar mijn werk en daar begin ik rond half tien. Als ik ’s avonds niet hoef te werken, probeer ik uiterlijk om half zeven thuis te zijn, zodat ik nog een uurtje met de kinderen kan lezen en met ze kan praten over wat ze hebben meegemaakt. Vervolgens lees ik van half negen tot half twaalf de stukken voor de volgende dag en ik sport een paar keer per week.’

Voeten op de grond

‘Ik heb een chauffeur, een hele hofhouding, maar ik ben me ervan bewust dat zij er zijn om mij te ondersteunen. Ik kan niet meer zelf overal heen rijden en een parkeerplaats zoeken terwijl mijn agenda stampvol afspraken staat. Maar ik weet dat die mensen er zijn vanwege mijn functie, niet vanwege mij als mens. Als ik straks weg ben, gaat alles door naar de volgende minister. Dan zal ik mijn eigen auto moeten rijden, mijn eigen tas moeten dragen en zelf de deur moeten openhouden. Maar dat heb ik al een keer meegemaakt en dat ging prima. Ik hecht niet zoveel waarde aan status.’

Mannenkabinet

‘In dit kabinet zitten natuurlijk weinig vrouwen, terwijl ik denk dat je best een team kunt maken waarin het fifty-fifty is. Er zijn genoeg goede vrouwen, maar als twee mannen een team gaan vormen, is de kans groot dat ze eerst aan mannen denken. Als ik zou selecteren…. Overigens wil ik me hierbij niet aanmelden als eerste vrouwelijke premier. Dat vergt zoveel meer van je privéleven, dat zou ik een te grote opoffering vinden.’

Waterdroom

‘Als staatssecretaris heb ik een grote liefde voor het onderwerp water. Ons land houden we al achthonderd jaar kunstmatig droog, dat is toch fantastisch? En wereldwijd liggen in zo veel landen grote steden in delta’s, steden die nu gevaar lopen door de stijgende zeespiegel. Het is heel interessant wat wij daar internationaal mee kunnen doen als exportproduct.’

Drijfveren

‘Ik weet niet waarom ik doe wat ik doe of wat werkelijk mijn drive is. Ik heb nog nooit ergens op de bank gelegen om over dit soort dingen na te denken. Ik wil het goed doen, zonder een perfectionist te zijn. Ik ga graag uitdagingen aan. En ik weet inmiddels dat elke stap die je maakt ervoor zorgt dat de volgende makkelijker wordt. Dat is wat bij mij het meest veranderd is. Van iemand die zich afvroeg of zij iets kon, ben ik iemand geworden die zegt “Kom maar op!” Maar mijn drive? Ik wil gewoon aan het werk zijn, dingen doen die ik leuk vind en ja, ik wil daarbij wel aan de touwtjes trekken.’

 Meer inspirerende verhalen? Klik hier.

Tekst: Willemijn van Benthem Fotografie: Hollandse Hoogte

Share on FacebookTweet about this on TwitterPin on PinterestShare on Google+